zaterdag 18 februari 2012

Ik leg de telefoon terug en loop naar de deur. Ik open hem en verstijf zodra ik zie wie er staat. 'Ik dacht, je kunt wel wat gezelschap gebruiken als je alleen bent. Het was even zoeken hoe ik hier moest komen, maar ik heb het gevonden.' Mijn mond zakt open. Ik duw hem met mijn eigen hand dicht. Alec grijnst. 'Niet verwacht, hè?' Ik schud mijn hoofd en doe een stap opzij. O HELP!! Wat doet hij hier?! Ik sluit de deur achter zijn hoofd. 'Eh, hoi.' Alec lacht en gooit zijn jas op het tafeltje in de hal boven op mijn jas. Uit zijn rugzak haalt hij een zak chips, een fles cola en een dvd. 'Voor straks.' Hij loopt mijn huis in alsof hij hier elke dag komt. Ik loop hem achterna. Ik heb het gevoel dat ik zijn huis inloop in plaats van het mijne. Hij zet de spullen op tafel. 'Al gedoucht, zie ik?' Ik word zo mogelijk nog roder en knik. Gauw trek ik de handdoek van mijn hoofd en strijk mijn natte haar recht. 'Ja, ik kon het niet verdragen.' Alec glimlacht. 'Wil je iets drinken?' Hij knikt. 'Een cola graag.' Ik loop naar de keuken. Onderweg gris ik mijn mobiel van het tafeltje. Dit móet Veerle horen.

Alec ploft naast mij op de bank. De dvd staat aan. 'Welke is het?' 'Kijk zelf maar.' 'Mmm, is het een horror? Want dan kijk ik niet.' Hij lacht. 'Nee, het is geen horror.' Ik zucht opgelucht en trek mijn knieën op. Ik ben moe. Waar blijven mijn ouders? Zou er iets gebeurd zijn? De telefoon gaat. Ik spring op. Alec kijkt me vragend aan. Ik ren erheen en kijk naar het nummer. Het is een onbekend nummer. Uit het buitenland. 'Deze moet ik even nemen,' zeg ik en ik neem op. 'Lieverd,' mijn moeder's stem klinkt vrolijk en verdrietig tegelijk. 'Er is hier wat mis gegaan, we hebben het vliegtuig van morgenavond half elf, jouw tijd.. We zijn dus pas over twee dagen terug.' 'O.' Ik merk dat mijn stem gebroken klinkt. Alec kijkt me meelevend, maar ook vragend aan. 'Nou, dan zie ik jullie dan.' 'Lieverd, je vindt het toch niet heel erg. Nodig maar wat vriendinnen uit. En moeten we nog wat geld overmaken? Of heb je nog genoeg?' 'Nee, ik heb nog genoeg.' 'Oké, ik moet wel zeggen dat we de komende twee dagen niet bereikbaar zijn, dus we zullen morgen niet bellen.' Ik voel een brok in mijn keel. Tot nu toe hadden ze elke dag gebeld. Altijd. 'En volgend jaar komen jullie ook niet meer thuis, oké, ik snap het.' Ik gooi de telefoon op de haak. Alec kijkt me vragend aan. De telefoon gaat weer. Het is hetzelfde nummer. Ik pak hem op en loop naar de keuken. Ik vul een glas met water en duw de telefoon erin. Ik haat ze.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen