donderdag 29 maart 2012


‘Ik ben thuis!’ roep ik terwijl ik de voordeur achter me dichtgooi. Ik loop de kamer in. Er staan vijf gebruikte borden op tafel. ‘Hoi, lieverd,’ zegt mijn moeder terwijl ze de tafel gauw afruimt. ‘Wie is er geweest?’ ‘O, zomaar wat mensen.’ Ik trek mijn wenkbrauwen op. ‘En wie zijn zomaar wat mensen?’ Mijn moeder zwijgt even. Mijn vader zucht en slaat de bladzijde van zijn boek om. Mijn moeder trekt onrustig haar shirt recht. ‘Wat mensen van het werk.’ Ik knik. ‘Dus toen ik belde om te vragen of ik bij Alec mocht blijven eten, deed jij een vreugdedansje omdat ik dan de mensen van jouw werk niet zou ontmoeten.’ Mijn moeder zucht en gaat zitten. ‘Nee, toen jij belde om te vragen of je mocht blijven eten bij Alec, heb ik wat mensen van mijn werk gebeld om te vragen of ze hier zouden komen eten.’

Ik wandel met mijn moeder in de winkelstraat van de stad. We hebben een half uur gefietst en lopen nu al een uur in de stad. ‘Zullen we gaan lunchen?’ vraagt mijn moeder. Ik knik en wijs naar een gezellig-uitziende pizzeria. ‘Ik heb wel zin in pizza,’ zeg ik met een glimlach. Mijn moeder knikt. ‘Waarom ook niet?’ We lopen erheen. Als we besteld hebben, kijk ik eens goed om me heen. Er staat een groot bord waarop Zaterdagavond: bandcompetitie! Voor meer info vraag ons gerust! staat. ‘Hm, dat lijkt me wel wat,’ zeg ik terwijl ik naar het bord wijs. De ober heeft me gehoord. ‘Je zit in een bandje?’ vraagt hij. Ik knik. ‘Ja, SMASH.’ Hij lacht en haalt een foldertje uit zijn schort. ‘Hier, ik zal jullie naam opschrijven. Als je komt, meldt je je gewoon aan bij de bar en anders kom je niet.’ Ik knik. ‘We zullen zien.’ ‘De winnaar mag waarschijnlijk hier elke zaterdag optreden.’ Ik glimlach. ‘We spelen nu elke vrijdagavond in De Rode Stier in ons dorp.’ De ober knikt. ‘Dan zullen jullie wel goed zijn, lijkt me leuk als jullie komen. Hoe meer hoe beter, hè?’ Zal ik het voorstellen aan Alec en de andere?

woensdag 28 maart 2012

Ik ga naast Alec aan tafel zitten. Hij speelt zenuwachtig met zijn glas. Zijn moeder zet een pan op tafel. 'Ik vind het enig dat je blijft eten! Alec neemt vaak mensen mee, maar er blijft bijna nooit iemand eten.' Ik glimlach beleeft. 'Ik vind het erg leuk, mevrouw.' Ze loopt weg. Ik kijk Alec aan. 'Gaat het wel?' Alec haalt zijn schouders op. 'Kijk, je moet iets weten. Je vroeg toch waarom meneer Bendo altijd alles gelijk doorheeft? Nou ja, kijk...' Hij zwijgt als iemand de kamer in komt lopen. Ik kijk op en zie daar meneer Bendo staan. Mijn mond zakt open. 'Meneer Bendo?' vraag ik vol verbazing. 'Hallo, wat leuk om jou hier te zien,' zegt hij met een glimlach, 'En zeg maar Erik, hoor.' Ik schud vol verbazing mijn hoofd. 'Hij is jouw...' Ik kijk Alec even aan. 'vader?' vraag ik. Alec schudt zijn hoofd. 'Stiefvader.' 'Ik wist niet dat je ouders gescheiden waren.' 'Mijn vader overleed toen ik drie jaar was. Drie jaar geleden kregen mijn moeder en Erik wat. Sinds een jaar woont hij hier.' Ik hoor de afschuw in zijn stem, maar het lijkt dat meneer Bendo, eh Erik.. en zijn moeder het zelf niet doorhebben. Dit had ik echt niet aan zien komen...

Ik sta bij mijn fiets voor de voortuin van het huis van Alec. 'Dus je vind het echt niet erg?' vraagt hij. Ik glimlach en schud mijn hoofd. 'Hé, het is even wennen, maar ik zou het echt niet uitmaken omdat je vader onze biologieleraar is. Zo ben ik echt niet.' Alec glimlacht. 'Gelukkig.' 'Waarom ben je daar eigenlijk zo bang voor?' Alec zwijgt. Ik kijk hem aan. 'Alec?' Hij stopt zijn handen in zijn broekzakken en kijkt omhoog. 'Met Steffani.' Ik knik. 'Zij maakte het uit omdat hij jouw stiefvader is.' Alec kijkt me met een lichte verbazing aan. 'Ja,' mompelt hij. 'Ik wist wel dat jullie beide niet het echte verhaal vertelden.' 'Sorry.' Ik haal mijn schouders op. 'Het is niet leuk dat je liegt, maar ik denk dat ik het wel snap.' Alec knikt. 'Toen ze meneer Bendo zag en ze hoorde dat hij mijn stiefvader was, is ze opgesprongen en weggelopen. Ik ging haar achterna en toen maakte ze het hier uit.' Hij wijst naar de grond waar we staan. 'Ik wil niet dat iedereen weet dat meneer Bendo mijn stiefvader is. Ik vond het omdraaien van de rollen de beste oplossing.' Ik knik. Mijn mobiel gaat. Het is mijn moeder. 'Ik moet gaan.' Alec glimlacht en geeft me een zoen. 'Tot morgen.'

vrijdag 23 maart 2012

Ik fiets met Alec naar zijn huis. Ik hang over mijn stuur heen en geniet van de zon. 'Hoe kan het dat meneer Bendo alles gelijk doorheeft?' vraag ik. 'Hij is een bioloog, hij ziet zulke dingen gewoon,' mompelt Alec. Ik kijk hem aan. 'Je mag hem echt niet, hè?' Alec haalt zijn schouders. 'Hij trekt goede leerlingen gewoon voor.' 'Alsof jij geen goede leerling bent,' zeg ik terwijl ik hem recht aankijk. Alec glimlacht. 'Ja, oké, ik sta een acht voor biologie, maar je moet minstens een negen staan als je in zijn groepje favoriete leerlingen wil. Ik kijk Alec aan. 'Ik mag hem wel, hij is wel aardig.' Alec haalt zijn schouders op. Ik geef hem een duw. 'Hé, kom op! Laat een biologieleeraar niet je dag verpesten.' Alec glimlacht. 'Maar hij is wel meer dan een biologieleerlaar...' 'Hoi, jongens!' roept James. Ik kijk Alec aan, maar hij zegt niets meer. 'Hoi,' mompel ik. James gaat naast Alec fietsen. 'Welk nummer gaan we vandaag doen?' Alec haalt zijn schouders op. 'Kweenie, misschien iets van Joyce Metch?' Ik lach. 'Dat nieuwe nummer van haar?' vraag ik. Alec knikt. 'Lijkt me leuk.' Ik klink opgewekt, maar diep van binnen voelt het niet goed. Ik heb echt het idee dat dit nummer over mij gaat, althans, ging. Sinds dat nummer is uitgebracht, zijn mijn ouders er een stuk meer voor me.

Als we het nummer drie keer hebben gezongen, last Sam een pauze in. Hij loopt met wat jongens naar buiten zodat Alec, James en ik met zijn drieën in de garage overblijven. 'Het klinkt persoonlijk,' zegt Alec terwijl hij me aankijkt. 'Alsof je je echt zo voelt.' Ik haal mijn schouders op. 'Mijn ouders waren gewoon vaak niet thuis, maar nu zijn ze er al een stuk meer.' Ik glimlach even en neem een slok water. 'Dus bij jou thuis gaat het weer goed?' vraagt James. Ik knik en sluit mijn ogen. 'Ja, nou ja, beter.' James knikt. 'Maar het is goed zo, ik ben niet meer dagen alleen.' James glimlacht. 'Nou, ik ga ook even naar buiten.' Hij springt op en loopt neuriënd naar buiten. Ik blijf alleen met Alec achter. 'Gaat het?' vraag ik hem terwijl ik hem aankijk. Hij knikt. 'Ja, ik.. blijf je eten vanavond?' Ik ben veraasd door die vraag. 'Ja, eh, is goed. Leuk.' Alec glimlacht en slaat zijn arm om me heen. 'Dank je.' Hij klinkt opgelucht, maar ook zenuwachtig. Voorzichtig leg ik mijn hoofd op zijn schouder. Waarom was hij opgelucht met dit antwoord? En waarom was hij zenuwachtig? Omdat ik zijn ouders nu echt zou ontmoeten? Ik had zijn moeder alleen even gezien toen ik hier binnenkwam en ze wat te drinken kwam brengen. Of was er misschien een andere reden?

maandag 19 maart 2012

Meneer Bendo staat al klaar als Alec en ik binnenkomen. Niet dat er al iemand oplet, maar hij staat al voor de klas. Als Alec en ik zitten, begint hij. 'Goedemorgen, KLAS!' Hij zwijgt even. 'Ik zie dat er een nieuw STELLETJE is!' Ik kijk om me heen. Alec en ik hadden elkaars hand niet vast en we hebben elkaar ook niet anders behandeld dan normaal. Heeft hij ons dan gezien bij de kluisjes? Maar hij was toch al lang in zijn lokaal? Misschien was hij ook bij de Grote Plas? Hadden we hem dan niet gezien? Zo groot is de Grote Plas niet. 'Goed, we gaan beginnen met een NIEUW thema!' Hij rent naar de computer en klikt met de muis. De volgende dia verschijnt. Meneer Bendo kijkt trots voor zich uit en rent gauw weer terug naar het bord. 'We gaan het hebben over iets dat we al eerder hebben behandeld in de derde, als het goed is.' Moet ik dat leuk vinden? Het betekent wel dat ik niet echt meer hoef te leren voor biologie de komende tijd, maar je leert ook geen interessante dingen meer.. 'We gaan het hebben over erflijkheid!' Ik zak onderuit op mijn stoel. Saai... Alleen, hoe weet hij dat over Alec en mij?

Als een lopend vuurtje gaat het door de school heen dat Alec een nieuw vriendinnetje heeft. Mijn naam wordt later pas genoemd. Zo zie je maar weer dat ik nog niet heel populair ben. O, en natuurlijk wordt mijn naam met verbazing genoemd. Alsof het is: Hoe kan dat nou? Zij kan toch niemand krijgen? Nou ja, tot nu toe was dat ook zo, maar nu heb ik Alec. 'Maar wie begon nou met zoenen?' vraagt Steffani. Ze probeert geïnteresseerd over te komen, maar het lukt haar niet. Ze klinkt boos, een tikkeltje jaloers. 'Hij,' zeg ik terwijl ik een hap neem van mijn boterham. Steffani bekijkt haar nagels. 'Nou ja, je mag hem hebben, schat.' Pff, alsof ik haar schat ben. Waarom noemt ze me zo altijd? Trouwens, alsof zij hem niet meer wil.. Veerle lijkt het ook te merken. 'Vind je hem nog leuk?' vraagt ze. Steffani lacht. 'Wie? Alec? Doe niet zo gek!' Ik trek mijn wenkbrauwen omhoog. 'Wat zit je dan dwars?' Ze kijkt me boos aan. Eigenlijk had ik dit niet willen zeggen. Ze staat op. 'O, er zit mij een heleboel dwars,' zegt ze koel terwijl ze haar tas pakt. 'Onder andere dat jullie geen goede vriendinnen meer voor mij zijn.' Ze draait zich om en loopt weg.

vrijdag 16 maart 2012

Ik lig op mijn bed met mijn mobiel in mijn handen. Ik ben blij dat mijn ouders beide nog niet thuis zijn zodat ik even tijd heb om na te denken. Ik knijp mezelf voor de honderdste keer om te kijken of ik droom. Het doet nog steeds pijn, dus ik droom echt niet. Ik heb vandaag dus echt gezoend met Alec. Jee, dat is... raar. Ik had nog nooit gezoend en dan krijg ik mijn eerste zoen van één van de populairste jongens van school. Ik zou Veerle opbellen zodra ik thuis was, maar ik heb nog geen zin om te bellen. Ik sta op en trek de handdoek van mijn hoofd af. Alec en ik hebben zo'n beetje heel de middag gezoend. Eerst vond ik het raar, dat moet ik toegeven, maar stiekem genoot ik er steeds meer van. Ik zet de muziek aan en beweeg in de maat mee. Ik voel me voor het eerst niet meer dat meisje dat ik was. Ik voel me aantrekkelijker. Misschien zelfs wel een beetje sexy. Ik glimlach en blijf voor het raam staan. Ik draai het nummer van Veerle. Binnen drie seconden heeft ze opgenomen. 'EN?!' gilt ze enhousiast. Ik word rood en loop terug naar mijn bed en ga weer liggen. 'Nou, gewoon.' 'Vertel op, wat is er gebeurd?' 'Nou, we hebben.. eh.. nou ja.' 'Je hebt gepraat? Er is geen stilte gevallen?' 'Nou, we hebben niet heel veel gepraat eigenlijk.' 'Nee, hè,' kreunt Veerle. 'Maar dat was niet nodig, we vermaakten ons prima.' 'Hoezo niet?' 'Nou ja, we hebben gezoend, zeg maar.' Het is even stil. Ik staar naar het plafond. 'Veerle? Ben je er nog?' 'Ja, ja.'  Dan begint ze te lachen. 'Ik zei het toch!' gilt ze.

Als ik bij mijn kluisjes kom, pakt Alec me vast en geeft me een zoen. 'Goedemorgen, kraaitje, lekker geslapen?' Ik glimlach. 'Heel lekker, jij?' Alec glimlacht. 'Ik lag te denken aan jou, kraaitje.' Ik geef hem een duwtje en lach. 'Hoe lang ga je me nog kraaitje noemen?' 'Hm, tot in de eeuwigheid?' Ik zucht en staar hem aan. 'Nou ja, zolang het maar geen schorre kraai is..' Alec lacht en geeft me een aai over mijn hoofd. 'Hé, kraaien zijn toevallig wel mij lievelings dieren, hoor.' Ik geef hem een duw. Veerle komt aanrennen en springt me in mijn armen. Juichend begint ze te gillen. Als ze tot rust is gekomen, ziet ze Alec ook staan. 'O, hoi,' grijnst ze. Alec glimlacht naar haar. 'Ik kan het bijna niet geloven,' fluistert ze in mijn oor. Ik lach. 'Ik droom volgens mij ook,' fluister ik in haar oor. 'Dan moet je maar niet wakker worden, want het is wel een mooie droom,' fluistert ze weer naar mij. 'Nou, ik voel me buitengesloten,' zegt Alec. Ik geef hem een zoen en lach. 'Vind je toch niet interessant.' De bel gaat. Hij slaat zijn arm om me heen. 'Tijd voor biologie.'

donderdag 15 maart 2012

Ik zit zenuwachtig op een tafel in de aula. Veerle heeft me honderden tips gegeven om een stilte te voorkomen. Ze had de halve klas bij elkaar gegild toen ik haar vertelde dat ik vandaag met Alec zou gaan zwemmen. Ze was razend enthousiast. Eigenlijk heeft ze me alleen maar zenuwachtiger gemaakt. Alles wat ze me heeft verteld, spookt door me heen. Ze wilde niet met me wachten, want dadelijk zou Alec denken dat zij ook meegaat. Iets wat volgens haar echt niet mocht gebeuren. Ik zag het punt er niet van in, maar ach.. Als zij het zegt.. Ze zei dat ik haar moest bellen zodra ik weer thuis was. We zullen alles doornemen en dan beslissen of hij me wel of niet leuk vindt. Eigenlijk weet Veerle het al, tenminste, ze denkt het te weten. Ze denkt dat hij me écht leuk vindt, maar ik twijfel er nog over. Steffeni was niet zo enthousiast dat ik met Alec ging zwemmen. Maar ja, zei heeft iets met hem gehad. Ze zal wel jaloers zijn. Alec zwaait voor mijn gezicht. ‘Hee, kraaitje, lekker aan het dromen?’ Ik glimlach. ‘Misschien.’ ‘Zullen we gaan?’

'Wie het eerst in het water is!' brult Alec terwijl hij al over het strandje holt op weg naar het water. Ik trek rustig mijn shirtje uit en mijn bikini recht. Dan ren ik hem achterna. Ik ren het water tot aan mijn knieën in. 'JEMIG! Het is ijskoud!' gil ik. Alec komt boven water en schudt zijn haren uit. Ik ril en blijf staan. ‘Nou, kraaitje, in één keer!’ Ik schud lachend mijn hoofd. ‘Echt niet!’ Alec rent naar me toe. Ik wil weg rennen, maar hij is vele malen sneller dan ik. Hij grijpt me vast en tilt me op. Dan loopt hij tot aan zijn borst het water in en laat mij dan helemaal in het water vallen. Ik kom proestend weer boven water. Alec grijnst. Ik voel zijn vingers bij mijn hand. We staren elkaar aan. Ik weet niet hoe lang, maar het lijkt een eeuwigheid te duren. Ik merk dat hij mijn hand vastpakt. Ik glimlach. Het koude water voelt ineens niet meer koud. Eerder warm. Maar misschien komt het omdat ik vanbinnen warm ben. Alec doet een stapje naar me toe en voordat ik doorheb wat ik doe, voel ik zijn lippen op de mijne en staan we te zoenen.

woensdag 14 maart 2012

Ik loop de school in. Ik voel dat er iets is veranderd. Niet aan school zelf, maar aan de reactie van mensen als ze me zien. Een paar brugjes wijzen naar me. 'Dat is ze. Ze kan zó goed zingen,' fluistert er één. Ik ga op de banken in de buurt van mijn kluisje zitten. Nu doen ze zo. Over een paar jaar weten ze niet eens meer dat ik hier heb rondgelopen. Ze zullen om mijn naam en uiterlijk lachen. Ze zullen spugen op de grond waar ik een aantal jaar geleden liep. Nou ja, over een paar jaar ben ik hier niet meer, dus dan heb ik er ook geen last van. 'Hoi, kraaitje,' mompelt iemand naast me. Ik draai mijn hoofd en kijk in de heldere, blauwe ogen van Alec. Ik glimlach en kijk weer voor me uit. 'Hoi.' Mijn stem klinkt geknepen. Ik voel me zenuwachtig. Een tijdje zitten we stil naast elkaar. 'Dus, eh, ik vroeg me af...' Ik kijk Alec aan. Voor het eerst zie ik ook bij hem onzekerheid. Ik glimlach bemoedigend naar hem, precies hetzelfde als hij wel eens naar mij glimlacht. Hij lacht. 'Ga je morgen mee zwemmen in de Grote Plas?' Het duurt even voordat ik doorheb wat hij vraagt. Ik denk even na. 'Met zijn tweeën,' mompelt hij. 'Niet met iemand anders erbij.' Ik glimlach. 'Lijkt me... leuk.' Hij glimlacht. 'Leuk, zie je straks wel bij de les!'

Ik sta in het pashokje in een winkel in de stad. Mijn moeder steekt een shirtje naar binnen. Het is lang geleden dat ik samen met haar heb gewinkeld. Toen ik thuis kwam, wist ze zeker dat ze met mij wilde winkelen. Ik vind het niet erg. Mijn moeder heeft een veel betere smaak op het gebied van kleding dan ik en ik krijg van haar leuke (iets duurdere) kleding. Mijn moeder bekijkt het truitje dat ik aanheb. 'Staat je geweldig! Wacht, ik haal er nog één in een andere kleur. Die kun je vaker aan. Trouwens, dit is ook helemaal in.' Ik glimlach. Mijn moeder rent gauw weg. Zou ze iets in de mode doen? Ze weet er veel van. Ze komt terug met twee dingen in haar handen. 'Lieverd, ik moet dit even passen,' zegt ze met enthousiaste bewegingen. Ik knik. Ze geeft me haar tasje. 'Hou je dit heel even bij?' Ze duikt het hokje in. Ik ga op het bankje zitten en sluit mijn ogen. Ineens gaat haar telefoon. Ik gris hem uit haar tasje en kijk op het schermpje. J. Metch staat er. Ik staar ernaar. Is dat dé Joyce Metch? 'Mam, wie is J. Metch?' Met een ruk gaat het gordijn opzij. Mijn moeder staat in haar jurkje voor mijn neus. Haar gezicht is wit. 'Jennifer Metch, een collega.' Ik geef haar haar telefoon. Ze drukt het telefoontje gauw weg. 'Laten we zo maar weer naar huis gaan. Ik neem dit jurkje. Neem jij die drie shirtjes en je broek?' Ik knik. Na een paar minuten lopen we haastig de winkel uit. Ai, volgens mij had ik dat telefoontje niet mogen zien...

maandag 12 maart 2012

Mijn stem trilt als ik de eerste noten inzet. Ik kijk Veerle aan. Ze glimlacht bemoedigend naar me. Ik kijk naar mijn oude klasgenoten. Ze lachen zachtjes en fluisteren met elkaar. Ik kijk naar Alec. Hij geniet tijdens het spelen en zingen. Dan merk ik dat ik weer moet. Ik zet in. De eerste noot komt er vals uit, de rest is zuiver. Alec lacht naar me en knikt bemoedigend terwijl hij de tekst: Yes you can make it, girl zingt. Ik voel een warme gloed door me heen gaan. Ik word rustig. Ik sluit mijn ogen en beeld me in dat ik huilend op mijn bed zit. Huilend omdat ze me weer hadden gepest met van alles en nog wat. Ik weet dat ik het nu allemaal ongedaan kan maken. Ik zet weer in. Met een volle, krachtige stem blaas ik iedereen omver. Veerle en Steffani beginnen te gillen en springen mee met de muziek.  Ooooh, I can make it! Ik kijk met een tevreden lach naar mijn oude klasgenoten. Die tijd lijkt al zo lang geleden. Ik lach en laat me helemaal gaan. Dit is mijn avond.

Als we vier nummers hebben gespeeld, is het alweer afgelopen. Ik merk dat ik zin heb om nog even door te gaan. Ik zet neuriënd de microfoon uit. James springt achter zijn drumstel vandaan en geeft me een dikke knuffel. Alec slaat ook zijn armen om ons heen. Ik word rood en maak mezelf gauw los. Ze bekijken me van onder tot boven. 'Je was ge-wel-dig!' gilt Veerle in mijn oor. 'Volgende week een privéconcert in mijn woonkamer?' vraagt Steffani. Ik bijt zachtjes op mijn lip. De café-eigenaar komt het podium op met een paar biertjes en een cola. Hij heeft bijna geen haar meer en het haar dat hij heeft, is dun en grijs. Hij heeft een enorme bierbuik en komt tot ongeveer mijn borst. 'Goed gedaan, jongens,' zegt hij en hij geeft hen het dienblad. 'Volgende week weer, hè?' Ik spring van het podium af. Ik werp nog één laatste blik op mijn oude klasgenoten. Ze kijken me stomverbaasd aan. Ik glimlach naar ze en loop tevreden naar buiten. I can make it.

vrijdag 9 maart 2012

Met knikkende knieën loop ik achter Alec, James en de anderen het café binnen. Binnen zitten al heel wat oude klasgenootjes. De meisjes die ik was tegengekomen op de fiets lachen als ze me zien. Ze wijzen naar me en doen overdreven alsof ze een nummer meezingen. Ik draai me om en wil naar buiten lopen, maar James pakt mijn schouder vast en trekt me naar hem toe. 'Kom op, straks doen ze wel anders.' Ik knik. Hij schudt lachend zijn hoofd en duwt me op een stoel neer. 'Blijven ademen en niet weggaan tijdens de soundcheck, hè?' Hij kijkt me hoopvol aan. Ik knik langzaam. Eén van de meisjes komt naar me toe. 'Praatte je net met hem?' Ik bijt op mijn lip en kijk de andere kant op. Gewoon negeren, gewoon negeren, denk ik. Ze geeft me een duw. 'Pff, hij zei zeker dat je op moet hoepelen. Doe dat dan ook! Weetje, ik noem je voortaan Schorre Kraai, zo klink je namelijk.' Ze gooit haar haren naar achteren. 'Dus, Schorre Kraai, hoe vaak word je gepest op school?' Ik reageer niet. 'O, dagelijks, zo te zien. Ach, lelijk kindje toch, je moet gewoon beseffen dat je NIET kunt zingen. Je bent gestoord!' Ze wordt aangetikt op haar schouder. Ze draait zich om en kijkt in de blauwe ogen van Alec. Ze glimlacht. 'Hadden jullie een leuk gesprek?' vraagt hij. 'O, ik was net aan het vertellen dat ze net een schorre kraai is,' giechelt ze. Ik kijk naar Alec's gezicht. Hij denkt even na. 'Is ze dat echt?' Het meisje knikt. Alec knikt. 'Dat is een belediging voor haar, maar ook voor mij.' Ze kijkt hem onbegrijpend aan en gooit haar haren weer naar achteren. 'Hoezo?' 'Ik vind haar goed. En, eh.. BELEDIG NOOIT MEER ONZE NIEUWE ZANGERES!!' schreeuwt hij. Zijn stem zit vol met woede, haat en bescherming.

Alec neemt me mee naar het podium. 'Ik denk dat je hier beter zit,' zegt hij met een glimlach op zijn gezicht. Als ik me had omgedraaid, had ik het boze gezicht van James kunnen zien. Dan had ik gezien dat hij boos was op Alec. Dan had ik zijn spijt gezien. Zijn spijt dat hij me niet hier neer had gezet of niet bij me was gebleven. Dan had ik zijn liefde gezien. Zijn stille, nog kleine, liefde die hij voor me voelt. Maar ik draaide me niet om. Ik keek naar het meisje uit mijn oude klas. Ze was terug naar haar vriendinnen gelopen en had hen het vreselijke nieuws verteld. Ze pakte haar jas en liep in haar ééntje weg. De rest bleef. Toen ze bij de deur kwam, werd die al geopend door Veerle, Steffani en de anderen. Ze zwaaien als ze me zien zitten. Veerle rent opgewonden naar me toe. 'Dat gezicht van haar! Wat is er gebeurd?' Ik vertel kort wat Alec tegen haar had gezegd. Alec tikt me aan en geeft een microfoon. 'Zet hem op, kraaitje.' Ik glimlach en ga staan. Even sluit ik mijn ogen. Dan ga ik het podiumpje op. Ik ben er klaar voor. Ben ik er klaar voor?

woensdag 7 maart 2012

Het is vrijdagochtend. Ik heb een lichte kriebel in mijn buik. Ik loop naar beneden en ontbijt even. 'Ik vertrek dus dadelijk,' zegt mijn vader, 'en dan kom ik morgenochtend weer terug.' Ik knik. 'Ik werk als jij op school bent en wanneer je weer naar je bandje gaat,' zegt mijn moeder. Ze proberen echt alles nu op mijn rooster af te stemmen en zo min mogelijk weg te gaan. Ik pak mijn tas. 'Dus ik moet er alleen heen?' Mijn moeder glimlacht. 'We dachten dat je ons wel niet erbij wilde hebben.' Ik knik. 'Daar zit wat in.' Mijn vader legt zijn krant neer. Ik geef hem en ma een zoen en fiets naar school. Onderweg kom ik Veerle tegen. Ze lacht. 'Fiets je niet met Steffani?' Ze schudt haar hoofd. 'Ze is ziek, maar ze komt vanavond wel kijken.' Ik lach. 'Als ze me maar niet aansteekt.' Veerle glimlacht. 'Zenuwachtig?' Ik knik langzaam. 'Ja, best wel. Vooral omdat er ook oude klasgenootjes komen.' Veerle schudt haar hoofd en glimlacht. 'Ach, je laat ze maar eens zien wat je kunt.' Ik lach. 'Ik ben bang dat ik mijn tekst vergeet.' Veerle schiet in de lach. 'Jij en je tekst vergeten? Sorry, dat gaat niet samen! Weet je hoe goed jij je spreekbeurten en presentaties altijd kent? Je vergeet nooit wat!' Ik haal mijn schouders op. 'Maar ik zing mijn presentaties niet.'

Ik sta met Veerle in de pauze te praten als ik ineens van achteren beet wordt gepakt. 'Boe!' roept Alec. Ik schiet in de lach. 'En, ben je zenuwachtig?' Ik glimlach. 'Moet dat?' Veerle grijnst breet. 'Dus je hebt je over je zenuwen heen gezet?' Ik kijk hem vragend aan. 'Eh?' 'Ik hoorde je vanochtend met Veerle praten.' Ik word rood. 'Eh, eigenlijk.. Ik eh.. nou, zeg maar..' Alec schudt zijn hoofd en gaat op de tafel zitten. 'Kijk, de meeste mensen zeggen iets van: Waarom luister je me af? Of: Ja, ik heb me over mijn zenuwen heen gezet, het was nooit heel erg, hoor.' Ik word zo mogelijk nog roder en verberg mijn gezicht achter mijn handen. Hij trekt ze weg. 'Niet doen, dan kan ik je ogen niet meer zien.' Ik staar hem een tijdje aan. Zei hij nou echt dat hij anders mijn ogen niet meer kan zien? Wil hij mijn ogen dan zien? Is dat een flirt? Ja, toch? O, HELP!! Wat moet ik nou doen? Alec schudt lachend zijn hoofd. 'Ik vind je heel schattig zo, als je vanavond maar niet zo op het podium staat.' Hij glimlacht en geeft me een aai over mijn hoofd. 'Tot vanavond!' En weg is hij. Ik kijk Veerle aan. Ze ligt helemaal dubbel. O nee, volgens mij heb ik zojuist ontzettend gefaald..

dinsdag 6 maart 2012

Ik heb mezelf in een lange, zwarte rok en een witte bloes gehesen. Ik draag hierbij kleine, glimmende, zwarte schoentjes. Mijn haar draai ik in een knotje. Ik had dit ooit gekocht voor carnaval. Ik ging als de strengste lerares van de basisschool. Veel mensen hadden het leuk gevonden, maar zíj niet.. Best logich eigenlijk.. Ik loop naar beneden en pak mijn schoolboeken. Met een zucht ga ik aan tafel zitten en begin mijn huiswerk te maken. Na een paar minuten gaat de bel. Mijn vader loopt naar de deur en doet open. Ik hoor het beleefde gelach en gegroet. Mijn moeder werpt me een zenuwachtige en hoopvolle blik toe en loopt ook de hal in. Mijn tante en oom komen binnen. 'Ah, kijk nou, wat ben je gegroeid, kindje,' zegt mijn tante vrolijk en ze knijpt in mijn wang. Oom Hans komt de kamer binnen. 'Hoi, meisje.' Ik glimlach beleefd. 'Hallo, oom Hans.' Hij glimlacht. Ze gaan allen aan tafel zitten. Mijn vader praat met oom Hans over aandelen en de economie. Mijn moeder praat met tante Leslie over wat we gaan eten. Na een half uur staat mijn moeder op en zet het eten op tafel.

'Hoe was je dag?' vraagt mijn vader plots aan mij. Ik kijk mijn moeder aan. Zij kijkt me smekend aan. 'Erg interessant, ik heb voor biologie een 9,8 voor mijn verslag en voor wiskunde had ik een 9.' De 9 was verzonnen, de 9,8 was echt waar. Mijn vader glimlacht. 'En verder?' 'Nou, ik ben nu officieel eerste viool in het schoolorkest.' Ik kijk mijn vader hoopvol aan. Hij geeft me een knipoog en mimet dat hij het snapt. 'O, wat enig,' roept tante Leslie, 'Zou je een stukje willen voorspelen?' Ik had deze vraag al verwacht, dus het antwoord had ik al bedacht. 'Dat gaat niet, mijn viool ligt nog op school, want morgen moeten we al heel vroeg weg. Alles ligt nu al klaar om mee te nemen.' Mijn tante glimlacht teleurgesteld. 'O, onze Fiona wil al zo lang viool spelen, maar ze speelt al piano, cello, harp en dwarsfluit, dus vinden wij dat niet meer goed. Ze zit in een heel groot orkest en speelt heel vaak solo's, toch Hans?' Mijn oom knikt trots. Ik knik zogenaamd geïnteresseerd. 'Mama, ik wil nog even leren voor natuurkunde. Vindt u dat goed?' Mijn moeder lacht verlegen. Ik noem haar nooit 'U'. 'Ja, ga maar.' Ik loop netjes de kamer uit, maar zodra de deur dicht is, ren ik naar boven en verwissel ik mijn kleding. Oh, wat een stomme mensen zijn mijn oom en tante.

maandag 5 maart 2012

Ik fiets met een glimlach tot aan mijn oren naar huis. Het was echt ge-wel-dig! Na de eerste paar noten hadden ze me te pakken en zong ik met mijn ogen gesloten mee. In het begin was ik nog onzeker, dat wel, maar ze waren dol enthausiast. Toen we bij het vierde nummer kwamen, het nummer dat nu in de top-40 op de eerste plaats staat, ging ik helemaal los. Ik zing voor mezelf mee met mijn I-pod. Ineens word ik ingehaald door vier meiden uit mijn oude klas. 'Ach kijk nou, ze zingt nog steeds als een wanhopige die gehoord wil worden. Ze heeft nog niets geleerd in al die tijd,' zegt er één. 'AU! Mijn oren,' gilt een ander. Ik kijk ze met een glimlach op mijn gezicht aan. 'Kom vrijdagavond dan maar naar het café waar SMASH ook optreedt, je wenst dat je een tijdmachine had.' Ik zet de neppe glimlach van Steffani op. Ze kijken me aan alsof ik gestoord ben. 'We zouden al komen omdat Alec mij leuk vindt,' zegt er één. 'En die James is van mij,' roept een ander. Ik glimlach en knik. 'Tot vrijdag dan, hè?' Ik sla af. Ik hoor nog net dat ze me ontzettend hard uitlachen, maar het kan me niets schelen.

Ik open de voordeur. Er hangt een heerlijke geur. Ik snuif diep en gooi mijn tas onder de kapstok. 'Ik ben thuis!' roep ik. Mijn moeder komt met een schort om de hal in. 'Hoi, lieverd. Hoe was je dag?' We horen een geluid. Ze draait zich om en rent gauw weer naar de keuken. Ik loop haar achterna. 'Leuk, ik zit officieel in SMASH. Het was echt heel leuk.' Mijn moeder lacht. 'Zozo, mijn dochter wordt een ster.' Ik ga op de barkruk zitten die in de keuken staan. 'Was het maar waar. Nee, ze treden hier in de buurt op, maar veel verder gaan ze niet, denk ik.' Mijn moeder lacht. 'Zou je dat willen dan?' 'Waarom niet?' 'Nou, alle beroemdheden worden dag en nacht achterna gezeten, ik zou dat niet willen, hoor.' Ik haal mijn schouders op. 'Dat zou dan het nadeel zijn, maar er zijn ook zat voordelen.' Mijn moeder glimlacht. 'Straks komen tante Leslie en oom Hans. Trek je zo iets netjes aan?' Ai, tante Leslie en oom Hans.. Als zij er zijn, moet ik me netjes gedragen, mam zet de lekkerste dingen op tafel en pap praat alleen maar over aandelen. Mijn moeder heeft nooit een goede band gehad met tante Leslie. Ze willen beide beter zijn dan de ander...

zondag 4 maart 2012

Ik ga naast Veerle zitten en pak mijn schrift uit mijn tas. Ik scheur er een bladzijde uit en glimlach. 'Tijd voor een schrijf-gesprek' schrijf ik. Veerle glimlacht. 'Wat zit je dwars?' Ik zucht en denk even na. 'Ik weet niet hoe het met A. zit' Veerle schudt haar hoofd. 'Super goed, als je het mij vraagt.. hoezo?' 'Nou, kijk,' 'Dus, Veerle, wat is de definitie van erosie?' Veerle rolt met haar ogen en vertelt hem precies wat het is. Hij knikt. 'Goed zo.' Het klinkt alsof hij het jammer vindt dat hij niet iemand heeft kunnen betrappen. Dan begint hij weer te praten. 'Nou kijk.. Het ene moment is hij super aardig enzo, maar dan ineens.. pats! boem! loopt hij weg alsof hij me haat' Veerle trekt een sip gezicht. 'Ach meis, het komt wel goed. Hij is gewoon onzeker' Ik zucht en staar even naar buiten. 'En ik weet niet of ik hem leuk vind..' Hier moet Veerle even over nadenken. 'Ik dacht dat je hem wél leuk vond.. Waar twijfel je over?' Ik knijp in mijn pen. Ik weet niet of ik het haar kan zeggen. 'Stel dat we iets krijgen.. dan zitten we misschien samen in SMASH, heel leuk allemaal, maar dan gaat het uit... En dan? Dan wil ik er meteen mee stoppen.. En misschien.. Oké, laat maar, dit slaat nergens op..' Veerle onderdrukt een lach. 'Je bent gewoon een stresskip' Ik haal mijn schouders op. 'Ik weet gewoon niet voor wie ik wat voel..' Ze knikt. 'Het komt wel goed, schatje' Ik hoop het.. Ik hoop het echt.

Ik fiets naast James naar het huis van Alec. Hij was de enige van de leden van het bandje die nog op school was en ik was blij dat ik niet alleen hoefde te fietsen. 'Goed onthouden hoe je moet fietsen, hè? Want voortaan fiets je hier minstens twee keer per week heen.' Ik ga over mijn stuur hangen. 'Jee, jij bent optimistich.' James geeft me een duw waardoor ik bijna van mijn fiets af val. 'Als je niet meer wilt komen, sluiten we je op in de bezemkast zodat je voor altijd blijft.' Nu duw ik hem. James wankelt, maar blijft op zijn fiets zitten. 'Serieus, je gaat dit echt heel leuk vinden. Vooral als je éénmaal hebt opgetreden met ons, al die stomme pestkoppen wensen dat ze een tijdmachine hadden.' Ik schud mijn hoofd. 'Oké, ik zou het wel leuk vinden om wraak op hen te nemen.' James grijnst. 'Dat bedoel ik nou.' 'Eigenlijk wel raar, jullie zijn in deze omgeving echt idolen, maar daarbuiten kent niemand jullie.' James zucht. 'Ach, het is een droom van elke jongen die in een bandje zit.' 'Je zou een keer naar de stad moeten reizen om daar te spelen.' James haalt zijn schouders op. 'Nee, serieus. Als jullie daar net zo populair worden als hier, word je vast opgemerkt.' James glimlacht. 'Misschien doen we het wel, maar alleen als jij meegaat als zangeres.' Licht het aan mij of zet iedereen mij onder druk?

vrijdag 2 maart 2012

Ik fiets het schoolplein op met mijn nieuwe schoenen. Gisteravond heb ik alles met mijn ouders uitgepraat. Al wilde mijn moeder nog steeds niet zeggen wat ze nou voor beroep beoefent. Maar ik weet wel dat dat hun geheim was. Er is dus geen ander geheim. Ik zet mijn fiets in de fietsenstalling en loop naar mijn kluisje. Na een paar minuten hoor ik Veerle en Steffani gillen. 'Die schoenen!,' gilt Veerle enthousiast. 'Ik ben zó jaloers!' Ik lach. 'Nou, hup, die poten omhoog,' zegt Steffani. Ik zet mijn voet op de stoel. Veerle en Steffani buigen zich eroverheen. 'Jee, je naam staat er gewoon op!' zegt Steffani. Ik lach. 'Waar heb je ze gekocht?' vraagt ze. Ik had met Veerle afgesproken om niks over mijn vader's werk te vertellen. We zouden zeggen dat ik ze gewonnen heb met een wedstrijd waar ik me per toeval voor heb opgegeven. 'Gewonnen en ik wist niet eens dat ik meedeed.' Steffani schudt ongelovig haar hoofd. 'Pff, geluksvogel.' Ik glimlach en zet mijn voet weer op de grond. 'En ze zijn uniek.' Veerle grijnst en geeft me een knipoog. 'Hoe duur zouden die schoenen zijn?' Ik haal mijn schouders op. 'Geen idee, het merk is sowieso al duur en dan een uniek paar...' 'Mooie schoenen,' zegt Alec. Hij slaat zijn arm om mijn schouder heen. 'Hoe kom je eraan?' 'Ze heeft ze gewonnen,' zegt Steffani met een slijmerige klank in haar stem terwijl ze haar haren naar achteren gooit. Alec gunt haar geen blik waardig. 'Ga je mee naar biologie?' vraagt hij. Ik knik. 'Tot bij aardrijkskunde,' roep ik nog naar Veerle.

Meneer Bendo begroet me vrolijk. Alec ziet hij nauwelijks staan. 'Je verslag was weer erg goed, ik denk dat het de beste is die je tot nu toe hebt geschreven.' Ik glimlach. 'Alec en ik hebben het samen geschreven, hoor.' 'Ja ja, maar toch.' Hij glimlacht en slaat zijn boek open. Alec ploft naast me neer. 'Waarom mag hij jou zo graag?' Ik haal mijn schouders op. 'Omdat ik oplet en gewoon geweldige verslagen schrijf.' Alec blaast een pluk haar uit zijn gezicht. We staren naar de klok. Langzaam kruipt de wijzer verder. Zodra de bel gaat, springt Alec op. 'Zie je straks wel weer.' En weg is hij. Ik kijk hem verbaasd na. Dat was raar. Meneer Bendo komt naar me toe. 'Dus je gaat in dat bandje?' 'Ik ga kijken bij een repetitie, hoezo?' 'Nou, Sam vertelde het.' Ik knik. 'Ik moet naar aardrijkskunde.' Hij knikt. Ik loop het lokaal uit. Zijn ogen prikken in mijn rug.