vrijdag 23 maart 2012

Ik fiets met Alec naar zijn huis. Ik hang over mijn stuur heen en geniet van de zon. 'Hoe kan het dat meneer Bendo alles gelijk doorheeft?' vraag ik. 'Hij is een bioloog, hij ziet zulke dingen gewoon,' mompelt Alec. Ik kijk hem aan. 'Je mag hem echt niet, hè?' Alec haalt zijn schouders. 'Hij trekt goede leerlingen gewoon voor.' 'Alsof jij geen goede leerling bent,' zeg ik terwijl ik hem recht aankijk. Alec glimlacht. 'Ja, oké, ik sta een acht voor biologie, maar je moet minstens een negen staan als je in zijn groepje favoriete leerlingen wil. Ik kijk Alec aan. 'Ik mag hem wel, hij is wel aardig.' Alec haalt zijn schouders op. Ik geef hem een duw. 'Hé, kom op! Laat een biologieleeraar niet je dag verpesten.' Alec glimlacht. 'Maar hij is wel meer dan een biologieleerlaar...' 'Hoi, jongens!' roept James. Ik kijk Alec aan, maar hij zegt niets meer. 'Hoi,' mompel ik. James gaat naast Alec fietsen. 'Welk nummer gaan we vandaag doen?' Alec haalt zijn schouders op. 'Kweenie, misschien iets van Joyce Metch?' Ik lach. 'Dat nieuwe nummer van haar?' vraag ik. Alec knikt. 'Lijkt me leuk.' Ik klink opgewekt, maar diep van binnen voelt het niet goed. Ik heb echt het idee dat dit nummer over mij gaat, althans, ging. Sinds dat nummer is uitgebracht, zijn mijn ouders er een stuk meer voor me.

Als we het nummer drie keer hebben gezongen, last Sam een pauze in. Hij loopt met wat jongens naar buiten zodat Alec, James en ik met zijn drieën in de garage overblijven. 'Het klinkt persoonlijk,' zegt Alec terwijl hij me aankijkt. 'Alsof je je echt zo voelt.' Ik haal mijn schouders op. 'Mijn ouders waren gewoon vaak niet thuis, maar nu zijn ze er al een stuk meer.' Ik glimlach even en neem een slok water. 'Dus bij jou thuis gaat het weer goed?' vraagt James. Ik knik en sluit mijn ogen. 'Ja, nou ja, beter.' James knikt. 'Maar het is goed zo, ik ben niet meer dagen alleen.' James glimlacht. 'Nou, ik ga ook even naar buiten.' Hij springt op en loopt neuriënd naar buiten. Ik blijf alleen met Alec achter. 'Gaat het?' vraag ik hem terwijl ik hem aankijk. Hij knikt. 'Ja, ik.. blijf je eten vanavond?' Ik ben veraasd door die vraag. 'Ja, eh, is goed. Leuk.' Alec glimlacht en slaat zijn arm om me heen. 'Dank je.' Hij klinkt opgelucht, maar ook zenuwachtig. Voorzichtig leg ik mijn hoofd op zijn schouder. Waarom was hij opgelucht met dit antwoord? En waarom was hij zenuwachtig? Omdat ik zijn ouders nu echt zou ontmoeten? Ik had zijn moeder alleen even gezien toen ik hier binnenkwam en ze wat te drinken kwam brengen. Of was er misschien een andere reden?

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen