vrijdag 16 maart 2012

Ik lig op mijn bed met mijn mobiel in mijn handen. Ik ben blij dat mijn ouders beide nog niet thuis zijn zodat ik even tijd heb om na te denken. Ik knijp mezelf voor de honderdste keer om te kijken of ik droom. Het doet nog steeds pijn, dus ik droom echt niet. Ik heb vandaag dus echt gezoend met Alec. Jee, dat is... raar. Ik had nog nooit gezoend en dan krijg ik mijn eerste zoen van één van de populairste jongens van school. Ik zou Veerle opbellen zodra ik thuis was, maar ik heb nog geen zin om te bellen. Ik sta op en trek de handdoek van mijn hoofd af. Alec en ik hebben zo'n beetje heel de middag gezoend. Eerst vond ik het raar, dat moet ik toegeven, maar stiekem genoot ik er steeds meer van. Ik zet de muziek aan en beweeg in de maat mee. Ik voel me voor het eerst niet meer dat meisje dat ik was. Ik voel me aantrekkelijker. Misschien zelfs wel een beetje sexy. Ik glimlach en blijf voor het raam staan. Ik draai het nummer van Veerle. Binnen drie seconden heeft ze opgenomen. 'EN?!' gilt ze enhousiast. Ik word rood en loop terug naar mijn bed en ga weer liggen. 'Nou, gewoon.' 'Vertel op, wat is er gebeurd?' 'Nou, we hebben.. eh.. nou ja.' 'Je hebt gepraat? Er is geen stilte gevallen?' 'Nou, we hebben niet heel veel gepraat eigenlijk.' 'Nee, hè,' kreunt Veerle. 'Maar dat was niet nodig, we vermaakten ons prima.' 'Hoezo niet?' 'Nou ja, we hebben gezoend, zeg maar.' Het is even stil. Ik staar naar het plafond. 'Veerle? Ben je er nog?' 'Ja, ja.'  Dan begint ze te lachen. 'Ik zei het toch!' gilt ze.

Als ik bij mijn kluisjes kom, pakt Alec me vast en geeft me een zoen. 'Goedemorgen, kraaitje, lekker geslapen?' Ik glimlach. 'Heel lekker, jij?' Alec glimlacht. 'Ik lag te denken aan jou, kraaitje.' Ik geef hem een duwtje en lach. 'Hoe lang ga je me nog kraaitje noemen?' 'Hm, tot in de eeuwigheid?' Ik zucht en staar hem aan. 'Nou ja, zolang het maar geen schorre kraai is..' Alec lacht en geeft me een aai over mijn hoofd. 'Hé, kraaien zijn toevallig wel mij lievelings dieren, hoor.' Ik geef hem een duw. Veerle komt aanrennen en springt me in mijn armen. Juichend begint ze te gillen. Als ze tot rust is gekomen, ziet ze Alec ook staan. 'O, hoi,' grijnst ze. Alec glimlacht naar haar. 'Ik kan het bijna niet geloven,' fluistert ze in mijn oor. Ik lach. 'Ik droom volgens mij ook,' fluister ik in haar oor. 'Dan moet je maar niet wakker worden, want het is wel een mooie droom,' fluistert ze weer naar mij. 'Nou, ik voel me buitengesloten,' zegt Alec. Ik geef hem een zoen en lach. 'Vind je toch niet interessant.' De bel gaat. Hij slaat zijn arm om me heen. 'Tijd voor biologie.'

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen