dinsdag 2 oktober 2012



‘Oh my god!’ gilt Veerle door de telefoon. ‘Heb je hem serieus gedumpt?!’ Ik leg mijn hoofd tegen de muur achter mijn bed. Ik zit al anderhalf uur in een kleermakerszit naar het raam te staren. Toen besloot ik om Veerle maar te bellen. ‘Ja, en verder heb ik nog niets van hem gehoord.’ Veerle begint zenuwachtig te giechelen. Dat doet ze altijd als ze niet weet wat ze moet zeggen om me op te vrolijken. Ik zucht en strek mijn benen. De pijn die ik normaal voel als ik te lang in een verkrampte houding heb gezeten, dringt niet tot me door. ‘Dus je bent gewoon weer single?’ vraagt Veerle. ‘Ja, helemaal.’ ‘Dan wordt het tijd om weer een keertje uit te gaan, denk je niet?’ 

Ik kijk op de klok. Nog een kwartier en dan komt Veerle me ophalen. Ik loop naar beneden en schenk wat water voor mezelf in. Mijn moeder zit aan tafel een tijdschrift te lezen. ‘Mam?’ vraag ik aarzelend. Ze kijkt op. ‘Wil je ook wat drinken?’ Ze schudt haar hoofd. Ik ga tegenover haar zitten. ‘Hoe groot is nou de kans om beroemd te worden?’ Ze glimlacht en legt haar tijdschrift weg. ‘In jullie geval vrij groot.’ Ik kijk haar vragend aan. ‘Lieverd, je bent iets nieuws. Een bandje met één knap meisje en een paar geweldige jongens. En kijk naar de omgeving hier, sinds jullie in de pizzeria op zaterdagavond spelen, is de omzet drie keer zo groot op die dag. Er worden vier extra krachten ingehuurd. Dat is echt heel veel! En als je gelijk in het voorprogramma van Joyce begint, ben je zo goed als binnen.’

Ik staar naar het tijdschrift. Er staat met koeienletters geschreven dat Joyce dikker zou zijn geworden. Mijn moeder ziet het. ‘En neem dit als voorbeeld. Het is toch verschrikkelijk als die over jezelf in zo’n blad staat?’ Ik haal mijn schouders op. ‘Dan lees je het toch gewoon niet?’ Mijn moeder lacht. ‘Je kent dit wereldje niet, lieverd, je moet het wel lezen. Of je hoort het op de radio. Misschien beginnen ze er in een interview over. Je kan er niet omheen.’ Ik haal mijn schouders op. ‘Zo snel laat ik me niet kennen.’ Mijn moeder glimlacht. ‘Geloof me, het is verschrikkelijk.’ ‘Maar ik heb toch James, Alec en Sam die me kunnen helpen! We zitten dan allemaal in hetzelfde scheutje.’ Ik betrap mezelf erop dat ik mijn ouders nog niet heb verteld dat het uit is tussen mij en Alec. Mijn moeder glimlacht. ‘Als moeder zou ik je toestemming geven, lieverd, maar ik ben ook iemand die hier gewoon veel van af weet. Die persoon geeft je geen toestemming. Dat moet je maar accepteren.’

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen